|
Keith L. Moore
Professor Emeritus, Departement van Anatomie en Celbiologie, Universiteit
van Toronto. Een onderscheiden embryoloog en de auteur van verschillende
medische tekstboeken, waaronder Clinically Oriented Anatomy (3e
Editie) en The Developing Human (5e Editie, samen met T.V.N.
Persaud).
Dr. Moore is een voormalig president van de Canadese Associatie van Anatomen
en van de Amerikaanse Associatie van Klinische Anatomen. Hij werd door de
Canadese Associatie van Anatomen geëerd met de prestigieuze J.C.B. Grant Award
en in 1994 ontving hij de Honoured Member Award van de Amerikaanse Associatie
van Klinische Anatomen voor "uitmuntende bijdragen in het gebied van
klinische anatomie".
"De afgelopen drie jaar heb ik samengewerkt met het Embryologie Comité van de
Koning ‘Abdoel-‘Aziez Universiteit in Jeddah, Saoedi-Arabië, en heb hen
geholpen in het interpreteren van de vele verklaringen in de en
de Soennah die betrekking hebben op menselijke reproductie en prenatale
ontwikkeling. In het begin was ik verbaasd over de nauwkeurigheid van de
verklaringen welke zijn vastgelegd in de 7e eeuw na Chr., voordat de
wetenschap van embryologie was gegrondvest. Hoewel ik op de hoogte was van de
glorierijke geschiedenis van moslim wetenschappers in de 10e eeuw na
Chr. en van sommige van hun bijdragen aan de geneeskunde, wist ik niets over de
religieuze feiten en overtuigingen die de Koran en de Soennah bevatten."
Tijdens een conferentie in Cairo presenteerde hij een onderzoeksrapport en
verklaarde:
"Het heeft mij een groot genoegen gedaan om te helpen om verklaringen in de Koran over de menselijke ontwikkeling te verduidelijken. Het is duidelijk
voor mij dat deze verklaringen tot Mohammad moeten zijn gekomen van God, of
Allah, omdat het meeste van deze kennis pas vele eeuwen later ontdekt werd.
Dit bewijst voor mij dat Mohammad een boodschapper van God, of Allah, moet
zijn geweest."
Professor Moore zei verder:
"...Omdat het faseren van menselijke embryo's ingewikkeld is, vanwege het onafgebroken
proces van verandering tijdens de ontwikkeling, is er voorgesteld om een nieuw
systeem van classificatie te ontwikkelen waarin men de termen gebruikt die in
de Koran en de Soennah worden vermeld. Het voorgestelde systeem is eenvoudig,
begrijpelijk en komt overeen met de hedendaagse embryologische kennis."
"De intensieve studies van de Koran en Hadieth in de afgelopen vier jaar
hebben een systeem van classificeren van menselijke embryo's onthuld dat
geweldig is, aangezien het is opgenomen in de 7e eeuw na Chr... De
beschrijvingen in de Koran kunnen niet gebaseerd zijn op wetenschappelijke
kennis van de 7e eeuw..."
E. Marshall Johnson
Professor en Voorzitter van het Departement van Anatomie en Ontwikkelingsbiologie
en Directeur van het Daniel Baugh Instituut, Thomas Jefferson Universiteit,
Philadelphia, Pennsylvania, Verenigde Staten.
Auteur van meer dan 200 publicaties. Voormalig President van de Teratologie
Sociëteit en andere prestaties. Professor Johnson begon interesse te tonen voor
de wetenschappelijke wonderen in de Koran tijdens de 7e Saoedische
Medische Conferentie (1982), toen een speciaal comité werd samengesteld om de
wetenschappelijke wonderen in de Koran en Hadieth te onderzoeken. In het
begin weigerde Professor Johnson het bestaan van zulke verzen in de Koran en
Hadieth te accepteren. Maar na een discussie stelde hij er belangen in en concentreerde
zijn onderzoek op zowel de innerlijke als de uiterlijke ontwikkeling van de
foetus.
"...Samengevat beschrijft de Koran niet alleen de ontwikkeling van de
externe vorm, maar benadrukt ook de interne stadia, de stadia binnenin het
embryo, van zijn creatie en ontwikkeling. Hij legt de nadruk op belangrijke
gebeurtenissen erkend door de hedendaagse wetenschap."
"Als wetenschapper kan ik enkel zaken behandelen die ik specifiek kan zien.
Ik kan de embryologie en ontwikkelingsbiologie begrijpen. In kan de woorden
begrijpen die voor mij vertaald worden uit de Koran. Zoals ik al eerder het
voorbeeld gaf, als ik mijzelf zou verplaatsen naar dat tijdperk, wetend wat ik
vandaag weet en dingen zou beschrijven, zou ik de dingen die beschreven werden niet
kunnen beschrijven ...
Ik zie geen bewijs om het concept te weerleggen dat dit individu Mohammad
deze informatie moest ontwikkelen vanuit een of andere plaats... Dus ik zie hier
niets wat in strijd is met het concept dat er sprake is van Goddelijke
tussenkomst in datgene wat hij kon schrijven..."
T.V.N. Persaud
Professor van Anatomie en Professor van Pediatrie en Kindergeneeskunde,
Universiteit van Manitoba, Winnipeg, Manitoba, Canada.
Auteur en bewerker van meer dan 20 boeken en hij heeft meer dan 181 wetenschappelijke
rapporten gepubliceerd. Medeauteur van The Developing Human (5e
Editie, samen met Keith L. Moore). Hij ontving de J.C.B. Award in 1991.
Professor Persaud heeft verscheidene onderzoeksverslagen gepresenteerd.
"Het lijkt mij dat Mohammad een heel normale man was. Hij kon niet lezen,
hij kon niet schrijven. In feite was hij ongeletterd...
We praten over 1400 jaar geleden; je hebt een ongeletterde persoon die
diepgaande verklaringen geeft welke ongelooflijk nauwkeurig zijn, van
wetenschappelijke aard...
Ik persoonlijk kan niet zien hoe dit puur toeval kan zijn. Er zijn teveel nauwkeurigheden. Net zoals Dr. Moore
heb ik er geen enkele moeite mee te erkennen dat dit een Goddelijke inspiratie
of openbaring is welke hem geleid heeft naar deze verklaringen."
Joe Leigh Simpson
Professor en Voorzitter van het Departement van Verloskunde en Gynaecologie,
Baylor College van Geneeskunde, Houston, Texas, Verenigde Staten.
Hij is de President van de Amerikaanse Fertiliteit Sociëteit. Hij heeft
vele prijzen ontvangen, waaronder de Association of Professors of Obstetrics and Gynaecology Public Recognition
Award in 1992. Net als vele anderen werd Professor Simpson in
verbazing gebracht toen hij ontdekte dat de Koran en Hadieth verzen bevatten
die betrekking hebben op het studiegebied waarin hij gespecialiseerd is. Hij
insisteerde in het verifiëren van de tekst die hem gepresenteerd werd vanuit de Koran en Hadieth.
"Deze Hadieths (uitspraken van Mohammad) kunnen niet zijn verkregen op
basis van de wetenschappelijke kennis die in de tijd van de ‘auteur'
beschikbaar was... Hieruit volgt niet alleen dat er geen conflict is tussen genetica
en religie (Islaam), maar in feite kan religie (Islaam) de wetenschap leiden
door openbaringen toe te voegen aan sommige van de traditionele
wetenschappelijke benaderingen... Er bestaan verklaringen in de Koran die eeuwen
later waarheid zijn gebleken, wat weergeeft dat de kennis in de Koran
afkomstig is van God."
Alfred Kroner
Professor van het Departement van Geowetenschap, Universiteit van Mainz,
Duitsland.
Professor Kroner is één van de bekendste geologen van de wereld en is
welbekend onder zijn collega-wetenschappers om zijn kritiek op de theorieën van
sommige grote wetenschappers op zijn gebied. Verschillende Qor-anische verzen
en Hadieth werden hem gepresenteerd welke hij bestudeerde en becommentarieerde.
"Als ik denk aan waar Mohammad vandaan kwam... Ik denk dat het bijna
onmogelijk is dat hij kennis kon hebben over zaken als de oorsprong van het
universum, omdat wetenschappers slechts in de laatste paar jaren met zeer
gecompliceerde en geavanceerde technologische methodes ontdekt hebben dat dit
het geval is."
"Iemand die niets wist over nucleaire natuurkunde 1400 jaar geleden kon, denk
ik, niet vanuit zijn eigen verstand bedenken dat bijvoorbeeld de aarde en de
hemelen dezelfde oorsprong hebben, of vele andere van de kwesties die we hier
behandeld hebben...
Als je dit alles combineert en je combineert al deze verklaringen die
gedaan worden in de Koran met betrekking tot de aarde, de formatie van de
aarde en de wetenschap in het algemeen, kun je feitelijk zeggen dat de verklaringen
die daar gedaan worden op vele manieren waarheid zijn. Zij kunnen nu bevestigd
worden door wetenschappelijke methodes. In zekere zin kun je zeggen dat de Koran een eenvoudig wetenschappelijk tekstboek is voor de simpele mens. Vele
van de verklaringen die daar gedaan worden, konden in die tijd niet bewezen
worden, maar moderne wetenschappelijke methodes zijn nu in een positie om hetgeen
Mohammad 1400 jaar geleden gezegd heeft, te bewijzen."
Yushidi Kusan
Directeur van het Tokio Observatoruim, Tokio, Japan.
Een aantal Qor-anische verzen werden aan hem getoond die het begin van het
universum en de hemelen en de relatie van de aarde met de hemelen, beschrijven.
Hij drukte zijn verbazing uit en zei dat de Koran het universum beschrijft als
gezien vanuit het hoogste observatiepunt; alles is duidelijk en helder.
"Ik zeg, ik ben zeer onder de indruk door ware astronomische feiten in de Koran te vinden. Wij moderne astronomen hebben een heel klein gedeelte van
het universum bestudeerd. Wij hebben onze inspanningen verenigd om een heel
klein gedeelte te kunnen begrijpen. Omdat wij telescopen gebruiken, kunnen wij enkel
zeer weinig delen van de hemel zien zonder te denken aan het hele universum. Dus
door de Koran te lezen en door de vragen te beantwoorden, denk ik dat ik mijn
toekomstige weg kan vinden voor het onderzoeken van het universum."
Professor Armstrong
Professor Armstrong werkt voor de NASA en is tevens Professor van
Astronomie aan de Universiteit van Kansas, Lawrence, Kansas, Verenigde Staten.
Professor Armstrong werd een aantal vragen gesteld over Qor-anische verzen
die zijn gebied van specialisatie behandelen. Uiteindelijk werd hij gevraagd:
"U heeft zelf de ware aard van moderne astronomie gezien en ontdekt door middel
van moderne apparatuur, raketten en satellieten die ontwikkeld zijn door de
mens. U heeft ook gezien hoe dezelfde feiten veertien eeuwen geleden werden
vermeld door de Koran. Wat is dus uw
opinie?"
"Dit is een moeilijke vraag waarover ik heb nagedacht sinds onze discussie
hier. Ik ben ervan onder de indruk hoe opmerkelijk sommige oude geschriften
blijken overeen te komen met de moderne en recente astronomie. Ik ben geen
toereikend geleerde van de menselijke geschiedenis om mijzelf compleet en
vertrouwelijk te verplaatsen in de omstandigheden die 1400 jaar geleden geheerst
hebben.
Met zekerheid zou ik het daarbij willen laten dat wat wij gezien hebben
opmerkelijk is. Het kan misschien wel of misschien geen wetenschappelijke
verklaring hebben. Het kan goed iets zijn boven hetgeen wij begrijpen als
gewone menselijke ervaring om de geschriften die wij gezien hebben te verklaren."
William Hay
Professor van Oceanografie, Universiteit van Colorado, Boulder, Colorado,
Verenigde Staten.
Professor Hay is één van de bekendste zeewetenschappers in de Verenigde
Staten. Vele vragen werden aan hem gesteld over de zeeoppervlakte, de
onderscheider tussen het bovenste en onderste van de zee, de oceaanbodem en marinegeologie.
"Ik vind het zeer interessant dat dit soort informatie zich in de oude
geschriften van de Heilige Koran bevindt en ik heb geen manier om te weten
waar dit vandaan zou komen. Maar ik denk dat het buitengewoon interessant is
dat deze informatie daar is en dit werk zal worden voortgezet om de betekenis
van sommige passages te ontdekken."
Toen hij gevraagd werd over de bron van de Koran, antwoordde hij:
"Wel, ik denk dat het het Goddelijke Wezen moet zijn."
Durja Rao
Professor van Marinegeologie, onderwijst aan de Koning ‘Abdoel-‘Aziez
Universiteit, Jeddah, Saoedi-Arabië.
Verscheidene verzen die het terrein van zijn specialisatie behandelen,
werden aan hem gepresenteerd. Vervolgens werd hij gevraagd: "Wat vindt u van de
aanwezigheid van de wetenschappelijke informatie in de Koran? Hoe kon de
Profeet Mohammad - vrede en gebeden over hem - veertien eeuwen geleden kennis
hebben van deze feiten?"
"Het is moeilijk voor te stellen dat soort kennis bestond in die tijd,
ongeveer 1400 jaar terug. Het kan zijn dat zij over sommige dingen een simpel
idee hadden, maar om deze dingen tot in de kleinste details te beschrijven is
heel moeilijk. Dit is dus absoluut geen simpele menselijke kennis. Een
normaal mens kan dit verschijnsel niet zo gedetailleerd uitleggen. Dus
ik denk dat de informatie van een bovennatuurlijke bron gekomen moet zijn."
Professor Siaveda
Professor van
Marinegeologie, Japan.
Hem werd een aantal vragen gesteld in zijn specialisatiegebied; vervolgens
werd hij geïnformeerd over de Qor-anische verzen en Hadieth welke de
verschijnselen vermelden waarover hij sprak. Daarna werd hij gevraagd: "Wat is
uw opinie over wat u gezien heeft in de Koran en de Soennah met betrekking
tot de geheimen van het universum, welke wetenschappers vandaag pas ontdekt
hebben?"
"Ik vind dat het mij zeer, zeer mysterieus schijnt, bijna niet te
geloven. Ik denk werkelijk dat als hetgeen u gezegd heeft waar is, het boek
werkelijk een zeer opmerkelijk boek is, dat geef ik toe."
Tejatat Tejasen
Voorzitter van het Departement van Anatomie en voormalig Hoofd van de
Faculteit van Geneeskunde, Universiteit van Chiang Mai, Thailand.
Professor Tejasen bestudeerde verschillende artikelen over de Koran en de
moderne embryologie. Hij bracht vier dagen door met verschillende geleerden,
moslims en niet-moslims, en besprak dit fenomeen in de Koran en Hadieth.
Tijdens de 8e Saoedische Medische Conferentie in Riyad,
Saoedi-Arabië, stond hij op en zei:
"In de afgelopen drie jaar, raakte ik geïnteresseerd in de Koran... Vanwege
mijn studies en wat ik geleerd heb door deze conferentie, geloof ik dat alles
wat 1400 jaar geleden in de Koran is vastgelegd de waarheid moet zijn. Dit kan
bewezen worden door de wetenschappelijke middelen.
Aangezien de Profeet Mohammad niet kon lezen, noch schrijven, moet Mohammad
een boodschapper zijn die deze waarheid verkondigde die aan hem geopenbaard was
als verlichting door de Ene Die de Wenselijke Schepper is. Deze Schepper moet
God, of Allah, zijn.
Ik denk dat dit de tijd is om te zeggen "Laa ilaaha illallah", er is geen
god om te aanbidden dan Allah (God), "Mohammad Rasoeloellah", Mohammad is de
Boodschapper van Allah.
Het meest kostbare wat ik heb verworven door naar deze conferentie te komen
is "Laa ilaaha illallah" en dat ik moslim ben geworden."
Dr. Maurice Bucaille
Geboren in 1920, voormalig hoofd van de Chirurgische Kliniek, Universiteit
van Parijs. Hij heeft zich een lange tijd verdiept in de overeenkomsten tussen
de leringen van de Heilige Geschriften en de moderne seculiere kennis.
Hij is de auteur van de bestseller "The Bible, The Qur'an and Science" (1976).
Zijn klassieke studies van de talen van de Heilige Geschriften, waaronder
Arabisch, samen met zijn kennis van hiërogliefen, hebben hem toegestaan een
multidisciplinair onderzoek te verrichten, waarin zijn persoonlijke bijdrage
als een medische dokter beslissende argumenten heeft geproduceerd. Zijn werk "Mummies
of the Pharaohs - Modern Medical Investigations" (St. Martins Press, 1990),
won een Historie Prijs van de Académie Française en een andere prijs van de Franse Nationale Academie
van Geneeskunde.
Zijn andere werken includeren: "What is the Origin
of Man" (Seghers, 1988), "Moses and Pharaoh, the Hebrews in Egypt"
(NTT Mediascope Inc, 1994) en "Réflexions sur le Coran" (Mohamed Talbi & Maurice Bucaille, Seghers,
1989).
Na een studie die tien jaar duurde, sprak Dr. Maurice
Bucaille de Franse Academie van Geneeskunde in 1976 toe aangaande het bestaan
van zekere verklaringen in de Koran betreffende fysiologie en reproductie. Zijn reden om dit te doen
was:
"...Onze kennis van deze disciplines is zodanig dat het
onmogelijk is om te verklaren hoe een tekst geproduceerd in de tijd van de Koran ideeën kon bevatten die slechts in de moderne tijden zijn ontdekt."
"Bovenstaande waarneming maakt de hypothese, die
naar voren werd gebracht door degenen die Mohammad als de auteur van de Koran
zien, onhoudbaar. Hoe kan een man die ongeletterd is, de meest belangrijke
auteur worden - betreffende literaire verdiensten - in de gehele Arabische
literatuur?
Hoe kon hij vervolgens waarheden van
wetenschappelijke aard verklaren die geen ander mens mogelijk had kunnen
ontwikkelen in die tijd; en dit alles zonder ook maar één keer de kleinste fout
te maken in zijn verklaringen over het onderwerp?"
Einde van de citaten...
سَنُرِيهِمْ
آَيَاتِنَا فِي الْآَفَاقِ وَفِي أَنْفُسِهِمْ حَتَّى يَتَبَيَّنَ لَهُمْ
أَنَّهُ
الْحَقُّ أَوَلَمْ يَكْفِ بِرَبِّكَ أَنَّهُ عَلَى كُلِّ شَيْءٍ شَهِيدٌ
Wij zullen hun Onze Tekenen laten zien in de
horizonnen en in henzelf, totdat het voor hen duidelijk wordt dat het de
Waarheid is. Is het niet voldoende dat jouw Heer Getuige is van alle zaken?
[ Soerah Foessilat 41:53 ]
Bron: http://www.islamic-awareness.org/Quran/Science/scientists.html
http://www.islampedia.com/ijaz/Html/Scientist_All/Index.htm
Vertaald vanuit het Engels door: Aboe ‘Abdir-Rahmaan Harkaatie
|