Home arrow Uitnodiging naar de Islaam arrow Niet-moslims over de Islaam arrow Bekende niet-moslims over de Islaam en de Profeet Mohammad - vrede en gebeden over hem -
Bekende niet-moslims over de Islaam en de Profeet Mohammad - vrede en gebeden over hem - Afdrukken E-mail
 

Notitie: In onderstaande citaten hebben westerse schrijvers het woord Mohammedanisme gebruikt voor de Islaam. Het woord Mohammedanisme houdt het aanbidden van de Profeet Mohammad - vrede en gebeden over hem - in. Dit is een absoluut onwaardige uitspraak voor elk geleerd mens om te gebruiken. De missie van de Profeet Mohammad - vrede en gebeden over hem - was om de aanbidding van de Enige Ware God (Allah), de Schepper en Voorziener van het Universum, te verkondigen. Zijn missie was dezelfde als die van de vroegere Profeten van Allah. In de historische context werden vele van zulke terminologieën over de Profeet Mohammad - vrede en gebeden over hem, de Islaam en de Moslims overgenomen van vroegere Europese schrijfwerken van de 11e eeuw tot aan de 19e eeuw. Dit is een tijd waarin onwetendheid en vooroordelen heersten. De citaten hieronder getuigen hiervan.

 

 

Sir George Bernard Shaw in "The Genuine Islam", Vol. 1 nr. 8, 1936

 

"Als enige religie de kans zou hebben om te heersen over Engeland, en zelfs Europa, binnen de volgende honderd jaar, dan is het de Islaam."

 

"Ik heb de religie van Mohammad altijd in hoge beschouwing gehouden vanwege haar wonderbaarlijke levendigheid. Het is de enige religie die het aanpassende vermogen bezit voor de veranderende fasen van bestaan, welke zichzelf kan laten aantrekken tot elk tijdperk. Ik heb hem bestudeerd - de wonderbaarlijke man - en, in mijn opinie, ver van een antichrist te zijn, moet hij de Redder van de Mensheid worden genoemd."

 

"Ik geloof dat als een man zoals hij het leiderschap van de moderne wereld op zich zou nemen, hij erin zou slagen de problemen ervan op te lossen op een manier die deze de vrede en het geluk, die zo hard nodig zijn, zou bezorgen. Ik heb voorspellingen over de religie van Mohammad dat zij aanvaardbaar zal zijn voor het Europa van morgen, net zoals zij aanvaardbaar begint te zijn voor het Europa van vandaag."

 

 

Alphonse de LaMartaine in "Historie de la Turquie", Parijs, 1854.

 

"Nooit heeft een mens voor zichzelf, vrijwillig of onvrijwillig, een meer subliem doel gesteld, aangezien dit doel bovenmenselijk was: om de bijgelovige zaken, die tussen de mens en zijn Schepper waren gedrongen, omver te werpen; om God aan de mens terug te geven en de mens aan God; om het rationele en heilige idee van Goddelijkheid te herstellen, temidden van de chaos van de materiële en misvormde goden van afgoderij die toentertijd bestonden. Nog nooit had een mens een taak op zich genomen die zo ver boven de menselijke kracht is, met zulke zwakke middelen. Immers, hij (Mohammad) had zowel in de gedachte als in de uitvoering van zo'n geweldig plan, geen ander instrument dan zichzelf en geen andere hulp dan een handvol mannen die in een uithoek van de woestijn woonden. Ten slotte heeft geen mens ooit zo'n enorme en blijvende revolutie in de wereld volbracht; want in minder dan twee eeuwen na zijn verschijning, heerste de Islaam, in geloof en in wapens, over heel Arabië en veroverde in de Naam van God Perzië, Khorasan, Transoxania, West India, Syrië, Egypte, Abessinië, het gehele bekende continent van Noord Afrika, talrijke eilanden van de Middellandse Zee, Spanje en een deel van Frankrijk."

 

"Als grootheid van doel, kleinheid van middelen en verbazingwekkende resultaten de drie criteria zijn voor een menselijk genie, wie zou het dan durven om enig geweldig mens in de geschiedenis te vergelijken met Mohammad? De meest bekende mensen creëerden slechts legers, wetten en rijken. Zij stichtten, als er al iets was, niet meer dan materiële machten die vaak voor hun ogen afbrokkelden. Deze man bewoog niet alleen legers, wetgevingen, rijken, volken en dynastieën, maar hij bewoog miljoenen mensen in éénderde van de toen bewoonde wereld. En meer dan dat: hij bewoog de altaren, de goden, de religies, de ideeën, de geloven en de zielen."

 

"Op basis van een Boek, waarvan elke letter wet is geworden, creëerde hij een spirituele nationaliteit, die de mensen van verschillende talen en rassen vermengde. Hij heeft een onuitwisbare karakteristiek voor deze moslim nationaliteit achtergelaten, de haat voor valse goden en de passie voor de Ene en Immateriële God. Dit wrekende patriottisme tegen de ontheiliging van de hemel vormde de voortreffelijkheid van de volgelingen van Mohammad; de verovering van éénderde van de aarde voor de geloofsleer was zijn wonder; of het was veeleer niet het wonder van de mens, maar dat van de rede."

 

"Het idee van de Eenheid van God, verkondigd temidden van de uitputting van de fabelachtige theogonie, was op zichzelf zo'n groot wonder dat door het uiten hiervan met zijn lippen, het alle oude tempels van afgoden vernietigde en éénderde van de wereld in vlam zette. Zijn leven, zijn meditaties, zijn heldhaftige verkondigingen tegen het bijgeloof van zijn land, zijn dapperheid in het uitdagen van de razernij van afgoderij, zijn standvastigheid in het verdragen ervan voor 15 jaar in Mekka, zijn aanvaarding van de rol van publieke verachting en bijna een slachtoffer te zijn van zijn landgenoten... Deze geloofsleer was tweevoudig: de Eenheid van God en de onstoffelijkheid van God. De eerste zegt wat God is en de laatste zegt wat God niet is. De ene wierp valse goden omver met het zwaard en de andere startte een idee met woorden."

 

"Filosoof, Redenaar, Apostel, Wetgever, Veroveraar van Ideeën, Hersteller van Rationele Geloven... De stichter van twintig aardse rijken en van één spiritueel rijk: dat is Mohammad. Met beschouwing van alle normen waarmee menselijke grootheid kan worden gemeten, kunnen wij ons gerust afvragen: is er enig mens geweldiger dan hij?"

 

 

Michael Hart in "The 100, A Ranking of the Most Influential Persons in History", New York, 1978

 

"Mijn keuze om Mohammad de lijst van de meest invloedrijke personen van de wereld te laten leiden, kan sommige lezers verbazen en kan betwijfeld worden door anderen, maar hij was de enige man in de geschiedenis die uiterst succesvol was op zowel het seculiere als het religieuze niveau... Het is waarschijnlijk dat de relatieve invloed van Mohammad op de Islaam groter is dan de gecombineerde invloed van Jezus Christus en St. Paul op het Christendom... Het is deze ongeëvenaarde combinatie van seculiere en religieuze invloed die Mohammad het recht geeft, vind ik, om beschouwd te worden als de meest invloedrijke individuele figuur in de menselijke geschiedenis."

 

 

Thomas Carlyle in "Heroes and Hero Worship and the Heroic in History", 1840

 

"De leugens (westerse laster) die welgemeend fanatisme over deze man (Mohammad) heeft opgehoopt, zijn enkel schandalig voor onszelf."

 

"Een stille, grote ziel; één van iemand die niet anders dan oprecht kan zijn. Hij zou spoedig de wereld doen ontvlammen, want de Maker van de wereld had dit opgedragen."

 

 

Dr. William Draper in "History of Intellectual Development of Europe"

 

"Vier jaar na de dood van Justinian, 569 A.D., werd in Mekka, in Arabië, de man geboren die van alle mensen de grootste invloed heeft gehad op het menselijke ras... Het religieus hoofd te zijn van vele rijken, het dagelijkse leven te leiden van éénderde van het menselijke ras, rechtvaardigt wellicht de titel van een Boodschapper van God."

 

 

W. Montgomery Watt in "Muhammad at Mecca", Oxford, 1953

 

"Zijn bereidheid om vervolgd te worden voor zijn geloof, het hoge morele karakter van de mannen die in hem geloofden en naar hem opkeken als een leider en de geweldigheid van zijn ultieme prestatie - dit alles bewijst zijn fundamentele rechtschapenheid. Te veronderstellen dat Mohammad een bedrieger is, wekt meer problemen dan dat het oplost."

 

 

Mahatma Gandhi, uitspraak gepubliceerd in "Young India", 1924

 

"Ik wilde het beste kennen van het leven van iemand die vandaag de dag een onbetwistbare invloed heeft op de harten van miljoenen van de mensheid... Ik werd er meer dan ooit van overtuigd dat het niet het zwaard was dat in die dagen een plaats won voor de Islaam in het schema van het leven. Het was de rigide eenvoud, het zich wegcijferen door de Profeet, de nauwgezette aandacht voor geloftes, zijn intense toewijding aan zijn vrienden en volgers, zijn onverschrokkenheid, zijn onbevreesdheid, zijn absolute vertrouwen in God en zijn eigen missie. Deze, en niet het zwaard, droegen alles voor hen en kwamen elk obstakel te boven. Toen ik het tweede volume (van de biografie van de Profeet) sloot, had ik spijt dat er niet meer voor mij te lezen was van dat grootse leven."

 

 

Edward Gibbon en Simon Oakley in "History of the Saracen Empire", Londen, 1870

 

"Het grootste succes van het leven van Mohammad werd tot stand gebracht door pure morele kracht."

 

"Het is niet de verspreiding, maar de blijvendheid van zijn religie die onze verbazing verdient. Dezelfde pure en perfecte indruk die hij achterliet in Mekka en Medina is behouden na de revoluties van 12 eeuwen door de Indische, de Afrikaanse en de Turkse bekeerlingen van de Koran... De Mohammedanen hebben onveranderlijk de verleiding weerstaan om het object van hun geloof te reduceren tot een niveau met de zintuigen en verbeelding van de mens. "Ik geloof in Eén God en Mohammad is de Apostel van God" is de simpele en onveranderlijke gelofte van de Islaam. Het intellectuele beeld van de Godheid is nooit verlaagd door enige zichtbare afgod. De onderscheidingen van de Profeet hebben nooit de normen van menselijke waarden overschreden en zijn levende voorschriften hebben de dankbaarheid van zijn discipelen beperkt tot de grenzen van verstand en religie."

 

 

Reverend Bosworth Smith in "Muhammad and Muhammadanism", Londen, 1874

 

"Hij was het hoofd van zowel de staat als de kerk, Caesar en de Paus in één. Maar hij was de Paus zonder de arrogantie van de Paus en Caesar zonder de legioenen van Caesar; zonder een staand leger, zonder een lijfwacht, zonder een politiemacht en zonder een vast inkomen. Als er ooit een man is geweest die regeerde met een goddelijk recht, dan was het Mohammad, aangezien hij alle krachten had zonder hun ondersteuningen. Hij gaf niets om de kleding van macht. De eenvoud van zijn privé leven was in overeenstemming met zijn publieke leven."

 

"In het Mohammedanisme is alles anders. In plaats van het schaduwachtige en mysterieuze, hebben we geschiedenis... Wij kennen de externe geschiedenis van Mohammad... Betreffende zijn interne geschiedenis nadat zijn missie verkondigd werd, hebben we een boek dat absoluut uniek is in zijn oorsprong en in zijn bewaring... Op het Essentiële gezag waarover niemand ooit in staat is geweest een serieuze twijfel te werpen."

 

 

Edward Montet in "La Propagande Chrettienne et ses Adversaries Musulmans", Parijs, 1890 (ook in T.W. Arnold in "The Preaching of Islam", Londen, 1913)

 

"De Islaam is een religie die werkelijk rationalistisch is in de ruimste zin van deze term, zowel etymologisch als historisch beschouwd... De lering van de Profeet, de Koran, heeft onveranderlijk zijn plaats behouden als het fundamentele beginsel. De geloofsleer van de Eenheid van God is daarin altijd verkondigd met grootsheid, majesteit, een onveranderlijke puurheid en met een noot van vaste overtuiging, welke moeilijk overtroffen kan worden gezien buiten het gebied van de Islaam... Van zo'n nauwkeurige geloofsbelijdenis, zo vrij van alle theologische ingewikkeldheden en zodoende zo toegankelijk voor het normale begrip, kan verwacht worden dat het een wonderbaarlijke kracht bezit - en hij bezit deze inderdaad ook - om zijn weg te banen in het bewustzijn van de mensen."

 

 

Philip K. Hitti in "History of the Arabs"

 

"Binnen een korte span van menselijk leven, bracht Mohammad een natie tevoorschijn die van tevoren nog nooit bloeide. In een land dat tot dusver niets dan een geografische uitdrukking was, vestigde hij een religie die in uitgestrekte gebieden het Christendom en Jodendom overheerste en legde de basis voor een rijk dat binnenkort binnen zijn verre uitgestrekte grenzen de meest gunstige gewesten van de toen beschaafde wereld zou omhelzen."

 

 

Washington Irving "Mahomet and His Successors"

 

"In zijn privé relaties was hij (Mohammad) rechtvaardig. Hij behandelde de vriend en de vreemde, de rijke en de arme, de sterke en de zwakke, met gelijkheid en was geliefd bij het gewone volk voor de vriendelijkheid waarmee hij hen ontving en luisterde naar hun klachten.

 

Zijn militaire overwinningen deden geen trots of ijdele glorie ontwaken, zoals het geval zou zijn als zij voor zelfzuchtige doeleinden zouden zijn teweeggebracht. In de tijd van zijn grootste kracht behield hij dezelfde eenvoud van manieren en verschijning als in de dagen van zijn tegenspoed."

 

 

James Michener in "Islam: The Misunderstood Religion", Reader's Digest, Mei 1955, blz. 68-70

 

"Geen andere religie in de geschiedenis heeft zich zo snel verspreid als de Islaam. Het westen heeft wijdverbreid geloofd dat deze opwelling van religie mogelijk werd gemaakt door het zwaard. Maar geen moderne geleerde aanvaardt dit idee en de Koran is expliciet in het steunen van de vrijheid van geweten."

 

"In alle zaken was Mohammad diepgaand praktisch. Toen zijn geliefde zoon Ibrahiem stierf, vond er een eclips plaats en verschenen er snel geruchten van God's persoonlijke condoleantie. Daarop zou Mohammad hebben aangekondigd: "Een eclips is een natuurverschijnsel. Het is dwaas om zulke dingen toe te schrijven aan de dood of geboorte van een mens"."

 

"Bij de dood van Mohammad zelf werd een poging gedaan om hem te vergoddelijken, maar de man die zijn administratieve opvolger zou worden, doodde de hysterie met één van de meest nobele toespraken in de religieuze geschiedenis: "Als er enigen onder jullie zijn die Mohammad aanbaden, hij is dood. Maar als het God is Die jullie aanbaden, Hij leeft voor altijd"."

 

 

A. S. Tritton in "Islam", 1951

 

"Het beeld van de naderende moslimsoldaat met een zwaard in de ene hand en de Koran in de andere hand is volkomen vals."

 

 

De Lacy O'Leary in "Islam at the Crossroads", Londen, 1923

 

"De geschiedenis maakt echter duidelijk dat de legende van fanatieke moslims die over de wereld gaan en de Islaam aan het punt van het zwaard opdringen aan overwonnen rassen, één van de meest absurde fabels is die historici ooit hebben naverteld."

 

 

Lawrence E. Browne in "The Prospects of Islam", 1944

 

"Concluderend vernietigen deze goed gegronde feiten het idee zo wijd gekoesterd in christelijke schrijfwerken, dat de moslims - waar zij ook heen gingen - de mensen aan het punt van het zwaard dwongen om de Islaam te accepteren."

 

 

K. S. Ramakrishna Rao in "Mohammad: The Prophet of Islam", 1989

 

"Mijn probleem om deze monografie te schrijven is gemakkelijker, omdat wij in het algemeen niet gevoed zijn met die (verdraaide) soort van geschiedenis. Veel tijd hoeft dan ook niet besteden te worden in het aanwijzen van onze verkeerde weergaven van de Islaam. De theorie van de Islaam en het zwaard bijvoorbeeld, wordt nu niet gehoord in enige streek die de naam waard is. Het principe van de Islaam "er is geen dwang in de religie" is welbekend."

 

Vertaald vanuit het Engels door: Aboe ‘Abdir-Rahmaan Harkaatie

 
< Vorige