De huidskleur van de Profeet Mohammed (vrede zij met hem)
Anas ibn Maalik (moge Allah tevreden met hem zijn) zei over de Profeet
(vrede zij met hem):
'Hij was van
gemiddelde lengte, niet lang en niet kort. Hij had een witte, lichtende
huidskleur, niet spierwit en niet donker. Zijn haar was niet krullend en niet
sluik.'
(Sahieh al-Boekhaarie: 3547 en Sahieh Moeslim: 2347)
Al-Djoerayrie zei:
'Aboe at-Toefayl
(moge Allah tevreden met hem zijn) zei: 'Ik heb de Boodschapper van Allah
(vrede zij met hem) gezien en buiten mij is er niemand meer op het
aardoppervlak die hem gezien heeft.' Ik vroeg hem: 'Hoe zag hij eruit?' Hij
antwoordde: 'Hij had een witte huidskleur, een mooie verschijning en een
normaal postuur.'
(Sahieh Moeslim: 2340)
'Alie ibn Abie Taalib (moge Allah tevreden met hem zijn) zei:
"De
Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) had een witte huidskleur met een
rode gloed.'
(Sahieh al-Djaami' (4620) van al-Albaanie)
Aboe Hoerayrah (moge Allah tevreden met hem zijn) zei:
'De
Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) had een witte huidskleur, alsof hij
gevormd was uit zilver.'
(Sahieh al-Djaami' (4619) van al-Albaanie)
Moeharrash al-Ka'bie (moge Allah tevreden met hem zijn) zei:
'Ik keek naar
de rug van de Profeet (vrede zij met hem) en deze leek net een gesmolten stuk
zilver.'
(Moesnad Ahmed (15451). Shoe'ayb al-Arna-oet zei: 'Zijn
keten is goed.')
Anas ibn Maalik (moge Allah tevreden met hem zijn) zei:
'De
Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) was van gemiddelde lengte; hij was
niet lang en niet kort. Hij had een mooi lichaam en een witte huidskleur met
een rode gloed. Zijn haar was niet gekruld en niet sluik. Wanneer hij liep,
boog hij voorover.'
(Sahieh Soenan at-Tirmidhie (1754) van al-Albaanie)